13 april 2019 – Bogota, colombia

donde es my pasaporte?

“Pasaporte” zegt de besnorde man achter de balie van Flota Valle De Tenza op vriendelijke toon. Hij heeft een gebruind gelaat, grijze stoppels, een grijze sweater en iets overgewicht. Geoefend open ik het voorvak van mijn backpack, rits het vakje open en stop mijn hand er. Leeg komt mijn hand weer uit het vak terug. Er was even een moment van kortsluiting in mijn hoofd: geen paspoort!

Ik kijk naar de vragende blik van de man achter het glas maar ik heb geen antwoord voor hem. Ondanks dat ik ze amper kan zien vanuit mijn ooghoeken voel ik de druk van de anderen in de rij stijgen terwijl ik verraden naar mijn lege paspoortvakje staar.  Alsof je naar de supermarkt bent gegaan en er bij de kassa achter komt dat je je portemonnee bent vergeten, dat gevoel.

Ik begin toch te zoeken, plichtmatig. Mijn paspoort heeft namelijk wel een heel vast plek in mijn bagage. Het begin van een reis is al chaotisch genoeg: heb voor mijn belangrijke zaken al jaren vaste plekken.

“No neccesito su pasaporte, solo el numero” probeert de man van de busmaatschappij me te helpen. ‘Daar gaat het nu toch niet om!’ denk ik hardop.

“Entiendo, pero pienso my pasaporte es muy importante” antwoord ik in een enigszins paniekerige stem. Ik stap de rij uit, loop het busstation uit en onderwerp mijn bagage toch aan een grondige inspectie: geen paspoort.

Heb ik hem achtergelaten bij het hostel? Ik weet dat ik hem afgegeven heb voor een kopie, zie hem in mijn herinnering er nog onder gelegd worden. Had ik hem teruggekregen? Ik weet het niet meer. Maar een verdwenen paspoort heeft een behoorlijke negatieve impacht op mijn reisplannen.

Ik pak mijn telefoon, zoek het nummer van het Cranky Croc hostel op en bel: piep, piep, piep. Hij gaat niet over. Ik probeer het nog een paar keer: helaas. Hmmmm… zou het kunnen dat mijn Colombiaanse simcard alleen mag internetten. Ik kijk naar de SMS: whatsapp en internet pakket: geen belminuten.

Dan maar nieuw abonnement regelen. Ik loop weer het busstation in en na wat zoeken en rondvragen kom ik bij een amper twintig jaren tellende ‘recargar’ dame terecht. Met haar mobieltje uit de jaren negentig laadt ze in ruil voor een handvol pesos een spraakabonnement in mijn telefoon.

 

Ik weer snel naar buiten om in de relatieve stilte te bellen. Weer drie piepjes. SMS komt daarna binnen: je abonnement is nu geactiveerd. Opnieuw bellen: opnieuw drie piepjes. Ik probeer een ander nummer: piepjes.

Ik weer terug naar mijn recargar dame en met wat handen en voetenwerk leg ik uit wat er aan de hand is. Euvel is gelukkig snel gevonden: ik probeer een vast nummer te bellen en dan moet er een netnummer bij als je lokaal belt. Zo leer je ook weer eens wat. De dame stelt hem in, voor de derde mail naar buiten: succes! Geschrokken na zoveel piepjes klik ik per ongeluk op einde gesprek maar een minuut later heb ik de receptie aan de lijn.

Ik leg uit dat het moment bij de receptie het laatste moment is dat ik mijn paspoort gezien hebt. Ze zoekt even maar zegt dat ze geen paspoort kan vinden: of ik haar mijn e-mail adres wil geven, dan geeft ze die door aan de collega die toen werkte. Tsja, en wat dan? Dan hoor ik over drie dagen dat ze hem gevonden hebben terwijl ik 600 kilometer verderop zit.

Ik maak onmiddellijk rechtsomkeert. Ik was nog wel zo vroeg opgestaan zodat ik een vroege bus kon nemen. Het zou namelijk een lange reisdag worden. Weer terug om mijn paspoort op te halen, dat gooit de plannen voor de komende dagen toch wel behoorlijk in de war. Maar mocht het echt mis zijn, de ambassade is ook in Bogota, dus ergens anders heen gaan is sowieso niet zo handig.

Ik loop in 15 minuten terug naar de TransMilenio snelbuslijn 1, handig de geklede schoothondjes ontwijkend die de meer welvarende ouderen van Colombia die hier wonen aan het uitlaten zijn. Vervolgens doorsta een ritje van 20 minuten terug naar het centrum en plak er nog een snelwandeling van 10 minuten tegen aan, slalommend om de net aan het weekend begonnen Bogotanen om vervolgens weer voor de receptie te staan. Het is nog geen 10 uur in de ochtend, maar mijn stappenteller is al weer ruim over de tienduizend heen. Tijdens de toch heb ik de goede sfeer er toch al weer redelijk in, zeg vriendelijk ‘buenas’ tegen de Colombianen die mijn blik kruisen en negeer ook de straatverkopers niet. Tsja, als je doet wat je kan doet, dan helpt het niet om ook nog extra te gaan stressen. Dan maar beter je ondergang met een glimlach tegemoet.

De jonge receptiedame met haar sproetjes, lange krullende zwarte haren en lang gedwee gezicht lacht wat ongemakkelijk naar me. Ze is zo iemand waar je niet snel kwaad op kan worden, ook als je het zou willen. Geen goed nieuws in ieder geval: ze heeft nog niks gevonden. Maar haar collega had haar wel een tip gegeven:  de videocamera heeft namelijk alles opgenomen en opgeslagen. We kunnen kijken wat er precies gebeurd is!

Ik weet gelukkig nog exact wanneer ik aangekomen ben: ik was namelijk heel verguld dat ik anderhalve dag geleden tot op de minuut nauwkeurig op de mij via internet doorgegeven aankomsttijd hier voor het eerste stond. Even later kijken we samen met spanning naar het schouwspel op de monitor.

Na enkele minuten komt het kritieke moment: ik geef mijn paspoort. De collega-receptiedame, iets ouder strenger en bebrild, legt hem onder de scanner en….. geeft hem terug! Maar ik stop hem nog niet in mijn tas. De beelden kruipen voorbij als ze even later opnieuw om mijn paspoort vraagt. Ik overhandig hem en hij gaat voor de tweede keer onder de scanner. Dat herinner me ik niet eens! Er wordt nog wat informatie uitgewisseld, en ze reikt met haar hand naar de scanner, maar trekt hem dan terug en doet eerst iets anders. Maar uiteindelijk pakt ze toch het paspoort, geeft het aan mij, en ik doe hem netjes terug in mijn voorvakje! Het was een ware thriller even, maar toch met een anticlimax als einde.

Wat volgt is een vruchteloze zoektocht samen met de schoonmaakdames in mijn kamer, nog twee keer mijn bagage overhoop gooien, maar zonder resultaat. Hij is echt weg. Kan hij gestolen zijn? Onwaarschijnlijk, mijn paspoort zit verder verstopt in mijn backpack als bijvoorbeeld mijn portemonnee, en verder is er ook niets weg.

Er zit niets anders op. Ik zoek het nummer op van de ambassade en bel. Het is natuurlijk het noodnummer, ambassadeurs werken zelden in het weekend, maar wat ik al dacht is bevestigd: ik moet allerlei formulieren gaan indienen, naar de politie om het vermiste paspoort op te geven en bewijzen dat ik een ‘noodzaak tot doorreizen’ heb. Want ze kunnen ook beslissen dat je maar gewoon met het eerste beste vliegtuig terug naar Nederland mag. Oeps. En, Panama moet ook noodpaspoorten accepteren, anders kan ik sowieso niet terug via mijn oorspronkelijke vlucht.

Ik loop naar de politiepost bij de grote weg, stop en passant nog even bij het Arepa restaurant en supermarkt waar ik de eerste dag geweest ben en vraag of ze daar een paspoort gevonden hebben. De politie verwijst me door naar het hoofdstation: maar die zijn pas weer open vanaf 14:00. Ik zorg in ieder geval dat alle nodige emails gestuurd zijn, alle formulieren afgedrukt en ingevuld.

6000 stappen later eindig ik in het kantoor van politieambtenaar Jose Duran, in zijn militair uitziende camouflage uniform met daarboven een fluoriserend geel hesje. In uitstekend Engels neemt hij de aangifte op. Na wat vragen drukt hij het juiste formulier voor mij af, apart gezien met dezelfde printer die ik thuis staan, en overhandigd deze. Hij excuseert zich nogmaals voor zijn prima Engels. Hij vind dat hij een Amerikaans accent heeft. Dat klopt ook wel zeg ik. We babbelen nog even na, waarin hij me verteld van zijn plannen om enkele maanden naar de US te gaan, en hoeveel geld hij daar wel niet voor moet sparen. We nemen afscheid. Nu is het wachten tot maandag: wanneer de ambassade open gaat.

Ik loop naar buiten en de geur van vers brood dringt mijn neus binnen. Het is al weer bijna 3 uur s’middags en het ontbijt had ik al overgeslagen, nu alles geregeld is heb ik toch wel trek. De geur komt van een patisseria/pasteleria plus restaurant op de hoek van de straat tegenover het politiestation. Hoog tijd voor een break, maandag weer verder.

 

0 Comments

Related stories

?>